R. Lemaire, P. van Aerschot, B. Van der Wee, diverse restauraties Groot Begijnhof
"Het oudste en grootste van de twee Leuvense begijnhoven ligt in het zuidwesten van de stad, ingesloten door de Redingenstraat in het westen, de Zwartzustersstraat in het noorden en de Schapenstraat in het oosten. Oorspronkelijk strekten de gronden van het begijnhof zich verder ten zuiden van de hoeve (thans Faculty Club) uit tot aan de tweede stadsmuur, de huidige Tervuursevest. De daar gelegen tuinen van het begijnhof worden thans ingenomen door de bebouwing langs de Schapenstraat en de Tervuursevest en de parking van de Faculty Club. De uitleg van het Groot Begijnhof wordt sterk bepaald door de plaatselijke hydro- en topografie. De oudste kern van het begijnhof is het deel tussen de Schapenstraat in het oosten en de kleine Dijle in het westen. Door de oostelijke helling is de bebouwing er georganiseerd langs twee noord-zuid assen: de Boven- en de Middenstraat. De gotische begijnhofkerk en het complex met de infirmerie en de hoeve bevinden zich ten zuiden van de oost-west as, de Rechtestraat, en de kleine Dijle. De jongere uitbreiding van het begijnhof op het eiland tussen de twee Dijlearmen heeft een minder strakke organisatie van de bebouwing langs het verlengde van de Rechtestraat en haar zijstraat, de Benedenstraat. De huizen van de derde uitbreiding ten westen van de hoofdarm van de Dijle, ook wel het Spaans of Soldatenkwartier genoemd, zijn aangelegd rondom een binnenplein. (...) Tijdens de 18de eeuw zette het verval in totdat het begijnhof in 1798 door de Fransen werd opgeheven. In 1803 kon een gemeenschap van 124 begijnen het begijnhof opnieuw betrekken en de kerk weer in dienst nemen. Tijdens de 19de en 20ste eeuw liep het aantal begijnen echter steeds verder terug, van twintig begijnen in 1895 tot twee in 1962. De Leuvense universiteit kocht in 1963 het begijnhof aan, waarna een grootschalige gefaseerde restauratie van het complex werd ondernomen. Geënt op het Charter van Venetië (1964) werd uitgegaan van de samenhang en de historische gelaagdheid van de bebouwing van het begijnhof. De eerste restauratiefase werd uitgevoerd in 1963-1972 onder leiding van prof. Raymond M. Lemaire. Ingenieur-architect Robert Vandendael restaureerde de begijnhofkerk in 1978-1985. De restauratie van het interieur van de begijnhofkerk was de eerste in Vlaanderen waarbij de aspecten bepleistering en afwerking intensief bestudeerd werden en in eer hersteld. Als laatste werden de huizen aan de Begijnhofkerkstraat gerestaureerd in 1987-1990 naar ontwerp van ingenieur-architect Paul Van Aerschot. De begijnhofhuizen werden herbestemd als woningen voor studenten en professoren, de begijnhofkerk werd de kerk van de universitaire parochie. Enkele gebouwen kregen een gemeenschappelijke bestemming. Recente werken waren de algemene restauratie van de leien bedaking (1994-2004) en de vernieuwing van de dakgoten (2002-2005). Een doorlichting van de toestand van het buitenschrijnwerk en een voorstudie over de vervallen delen van de ommuring van het begijnhof werden uitgevoerd in 2006-2007. (...)" bron: https://inventaris.onroerenderfgoed.be/erfgoedobjecten/125415